Al dat vluchten
Ik spreek ze vaak: doorzetters, krachtige vrouwen die veel kunnen dragen voor zichzelf en anderen. Ze zijn er trots op dat ze veel geven.
Kracht, doorzettingsvermogen en altruïsme zijn mooie eigenschappen, zolang je ze gedoseerd inzet en het niet ten koste gaat van je eigen welzijn. En daar wordt nog weleens een afslag genomen die niet leidt tot vervulling, maar tot zelfdestructie.

Het patroon is me bekend, ik heb het zelf jarenlang gehanteerd. Me richten op anderen was een effectieve manier om niet met mijn eigen ballast bezig te hoeven zijn.
Je aandacht van jezelf afleiden is vaak een vorm van vermijding. Niet dat je het niet goed bedoelt, natuurlijk wel. De vraag is: is geven en ontvangen in balans?
Zo niet, dan is de kans groot dat je op de vlucht bent voor je diepste overtuigingen en gevoelens. Dan kan het heel ongemakkelijk voelen wanneer een ander de aandacht op jou richt.
- Wat ziet iemand daar, wat jij zo knap onder de radar weet te houden?
- Wat ontdekt iemand over jou, waar jij veel liever van wegblijft?
Je zorgvuldig opgebouwde verdedigingsmuur zou weleens kunnen gaan afbrokkelen als je contact begint te maken met het antwoord op die vragen. Omdat je al zo lang gewend bent om naar buiten gekeerd te leven, voelt die weg als comfortabel.
De beste intenties
Je doet dit weliswaar vanuit de beste intenties. Toch is het niet mogelijk om werkelijke verbinding te maken met anderen, zolang je het contact met je eigen gevoelsleven niet volledig aangaat. Dat is geen bewust beredeneerde keuze vanuit je volwassen perspectief. Het is een geautomatiseerd patroon dat vermoedelijk in je kindertijd is ontstaan.
Je kunt het lang volhouden, al dat vluchten. Tot de dag komt dat je lichaam zegt: ‘Tot hier en niet verder’. Ik ging ermee door tot mijn leven in puin lag en ik tenslotte volledig opgebrand in bed belandde.

Ik gaf me niet zomaar gewonnen. Ik was zo goed geworden in overleven, in verzet, frictie en weerstand inzetten. Dat kon ik best ook vanuit mijn horizontale positie, tussen het snikken door.
Woedend was ik. Op mezelf, op mijn ouders, op mijn leven, op mijn lief die doodgegaan was, op de vrouw die mijn lief doodgereden had, op de personen die me misbruikt en mishandeld hadden. Woe-dend!
Tot ik de ware destructie voelde die school in mijn slachtofferschap.
Ja, er waren dingen die ik niet had kunnen voorkomen. Die had ik te doorleven en vervolgens te accepteren. Zonder verzet, in overgave en vertrouwen. Echter, ik had ook veel kansen laten liggen, verkeerde keuzes gemaakt, mezelf in de afhankelijke positie geplaatst en daarmee de regie over mijn leven en geluk uit handen gegeven.
Toen ik dit inzag, werd het stil. Rond mij. In mij. Alsof ik uit een snelstromende rivier was geslingerd en bewegingloos op het spiegelgladde oppervlak van een kristalhelder meer dreef.
Als je jarenlang blijft verdringen, verstoten en verdoven, ontneem je jezelf kansen om je te verbinden met wie je van nature bent. Waarom? Omdat je vanuit een oude conditionering gelooft dat je niet goed genoeg bent en je moet aanpassen om niet afgewezen te worden?
Leven in gezonde verbinding met anderen, met je verlangens en je aangeboren potentieel is een gevolg van het herstellen van het contact met jezelf. Dat is je geboorterecht. Toen je werd geboren, was je al gelukt.
Wil je hierover met me in gesprek, stuur me dan een mail via info@josjedeklerk.nl
Je bent welkom en je hoeft het niet alleen te doen.

