Toen je werd geboren was je al gelukt!

“De enige gevaarlijke en ongezonde verdrieten zijn diegene die we in onszelf begraven en stil met ons meedragen om ze te verdrinken in het lawaai van het leven daarbuiten, als ziektes die oppervlakkig behandeld worden en zich alleen maar even terugtrekken om na een tijdje des te heftiger opnieuw uit te breken. Verdriet als ongeleefd leven, verworpen verleden, verloren gelopen emotie, dat is leven waaraan we kunnen sterven.”

~ Rainer Maria Rilke – Brieven aan een jonge dichter

Die Rilke, die had het echt begrepen. Wat hier staat, is een heel belangrijke persoonlijk leiderschap-les. En het erge is, wij doen dit bijna allemaal in enige mate: het begraven, wegstoppen en niet doorleven van verdriet.

Ik heb dit zelf ook jarenlang gedaan. Niet bewust overigens, want ik heb gerouwd tot ik een ons woog. Telkens als ik een dierbare verloor -mijn vader, man, zwager, moeder en broer- huilde ik, krijste ik en ging ik dwars door de pijn heen. Omdat ik wist: er is geen andere weg. Dit is er om te doorleven.

Toen mijn moeder overleed, twintig jaar na mijn vader, sloot ik een periode van rouw af nadat ik een poos voor haar had gezorgd. Dit waren intensieve tijden, zowel in negatieve als in positieve zin. Iedereen die te maken heeft met een dierbare die weet dat het einde nadert, zal dit herkennen. Het verwerken begint eigenlijk al wanneer duidelijk wordt dat iemand ziek is en niet meer kan genezen.

Dan worden er ineens heel andere dingen belangrijk en vooral het ‘nog hebben’ van elkaar. Het weten dat iemand doodgaat binnenkort en de daarbij horende eventuele fysieke zorg, zijn zwaar. Het intensieve beleven van elkaars nabijheid, het delen van herinneringen en het uitspreken van liefde en goede wensen zijn ook zwaar, en dan op een positieve manier.

Mijn moeder kreeg als totale verrassing te horen dat ze nog maximaal een paar maanden te leven had. Het werden er negen, waarvan ik een stuk met haar heb mogen delen door haar in huis te nemen en voor haar te zorgen. Zij koos zelf haar moment van afscheid door euthanasie. Jaren heb ik erover gedaan voordat ik zonder afschuw aan dat moment van sterven kon denken. (Meer lezen: Dag mama).

Hoewel ik respect had voor haar keuze, heb ik me regelmatig afgevraagd hoe wanhopig kláár je moet zijn met dit leven, om actief afscheid te willen nemen van je kind. Om de dood boven tijd met je kind te verkiezen.

Jaren later leerde ik dat ik in het rouwen niet zuiver en alleen met het verlies bezig was geweest. In mijn moeders keuze voor de dood, las ik een verkapte boodschap: ‘Jij bent onbelangrijk’. Natuurlijk gunde ik haar de rust die ze verlangde. Natuurlijk heb ik haar tot het einde toe de regie gegund die ze nodig had om tot dit besluit te komen. En ook: ik voelde me ongezien in mijn behoefte aan zorg, moederliefde, veiligheid.

Het was niet raar dat ik zo’n gierende behoefte aan veiligheid had. Veilig was het in mijn jeugd niet. Ik vertel daar tijdens mijn event later dit jaar meer over. Ik was ongewenst, en bij het minste geluid of de kleinste beweging die ik maakte, wekte ik ergernis op. Werd ik weggestuurd. Afgewezen, miskend, onbelangrijk. Waardeloos. Ik voelde me waardeloos en ik heb dat jaren- en jarenlang meegedragen. Ik heb een half leven geloofd dat dit waar was over mij.

Zo’n diepe overtuiging, in mijn geval ontstaan vanuit een ingrijpende omstandigheid (niet gewenst zijn en dat iedere dag horen en merken), kan ook ontstaan door iets heel kleins. Bijvoorbeeld: jij bent als driejarige je schoenveters aan het strikken en een van je ouders reageert vol ongeduld: ‘Kom maar op, dat kun jij toch niet!’ En jawel hoor, jij gelooft op dat moment en waarschijnlijk nu nog steeds dat je onhandig, onbeholpen, of zelfs een mislukking bent. De aanleiding was misschien klein, het na-ijleffect kan enorm zijn en je hele leven beïnvloeden! Een dergelijke overtuiging heet een negatieve zijnsovertuiging en man, man, man, wat een sabotage plegen we daarmee op onszelf.

Terug naar de verwerking van de dood van mijn moeder. Ik schreef dat ik leerde niet zuiver en alleen te hebben gerouwd over het verlies. Ik rouwde minstens zo hard om mijn eigen negatieve zijnsovertuiging, om het feit dat ik de trigger voelde van ‘ik ben waardeloos’. De trigger van oude pijn. Van het onveilig voelen, van het geloven dat ik er niet toe deed, dat ik geen bestaansrecht had, er niet mocht zijn.

Iedere keer als mijn moeder, toen zij nog leefde, tegen mij zei: ‘Wat een aparte kleur heb  je in je haar’, geloofde ik: ‘Ik ben lelijk, ik ben afgewezen, ik ben waardeloos.’ En toen mijn moeder uiteindelijk tegen mij zei: ‘Ik wil euthanasie’, liggend op een bed in mijn huiskamer, met mijn liefdevolle en toegewijde zorg voor het grijpen, mijn onbegrensde loyaliteit binnen handbereik, voelde ik: ‘Zie je wel, ik ben het niet eens waard om voor te willen blijven leven. Hoe waardeloos bewijst ze hiermee, dat ik ben?’

Ik heb dat doorgewerkt. Doorleefd. Zowel opnieuw de pure rouw, als het verdriet om de negatieve zijnsovertuigingen. Want die deden ook heel veel zeer. Soms steken ze nog op een onverwacht moment de kop op. En dan rollen de tranen over mijn wangen. Zo las ik vandaag een bericht van Margot Rarumangkay – Rantong, mijn Facebookvriendin die haar moeder tot het allerlaatste moment in liefde had vastgehouden. Haar moeder was gestorven, en al vier jaar lang voelt Margot dat er zelfs van over de grens van het onzichtbare dagelijks hulp, liefde en zorg haar kant op worden gestuurd. Zij voelt zich nog altijd beschermd, veilig.

Margots moeder leeft niet meer. Wat gebleven is, is de veilige verbinding en de onvoorwaardelijke liefde die ze van haar moeder ontving, en volgens haar eigen zeggen nog ontvangt. Omdat haar moeder iets gedaan heeft, waarvan de mijne niet wist hoe. Mijn moeder heeft het op haar manier gedaan, op een manier waarvan zij dacht dat het goed was. Goed genoeg was. Of tenminste op een manier die mogelijk was voor haar, met ongetwijfeld al haar eigen negatieve zijnsovertuigingen.

De moeder van Margot heeft de duidelijke boodschap afgegeven, in woorden en daden, die ik altijd aan mijn klanten meegeef: ‘Toen je werd geboren, was je al gelukt.’

En dat is waar over ons allemaal. In elk van mijn coachtrajecten is dit kleine zinnetje van onschatbare waarde en de positieve impact ervan is enorm.

 

In mijn coachtrajecten help ik mensen van Jammer naar Yes. Omdat iedereen die ik spreek dolgraag haar of zijn mooiste leven wil leven. Zonder belemmeringen een realiteit voor zichzelf wil creëren waarin het fijn is, waarin de drie G’s de boventoon voeren: Groei, Genieten, Geluk.

Mijn coachtrajecten zijn lang niet altijd diepgravende of heftige trajecten. Ze zijn er wel altijd op gericht om de blokkades op te ruimen en te zorgen dat iemand weer vrij en gelukkig door het leven gaat.

Wil je weten wat ik voor jou kan doen? Stuur me dan een mailtje naar info@josjedeklerk.nl, of vul het contactformulier in.

 

Terug