Je bepaalt zelf of je een zondagskind bent

Een tijdje geleden plaatste ik een video in mijn Facebook community. Een van de leden, Monique Helfrich, reageerde met een verhaal dat ik het delen meer dan waard vind. Zij vertelt hoe zij zich altijd volkomen veilig en daardoor in vertrouwen heeft gevoeld. En ook dat dat niet alleen maar positief voor haar uitpakte. 

 

De vraag die ik aan de leden van mijn community stelde, was: “Kun jij een herinnering oproepen aan vroeger toen je jong was, wanneer jij je heel erg veilig hebt gevoeld? Zo veilig dat je zeker wist: er wordt voor mij gezorgd! Waar haal jij dat in je leven nu vandaan, dat gevoel van veiligheid, vertrouwen en dankbaarheid? En hoe heeft dat een weerslag op je realiteit?”

Ik deel hieronder de reactie van Monique met je.

 

“Mooie stof tot nadenken! Ik ben dankbaar dat ik me van jongs-af-aan kan wentelen in geborgenheid en veiligheid. En ik voel vooral de momenten, breiend naast mijn oma op de bank. Zelfs tot mijn 24ste, toen zij overleed.

Ik werd de geluksvogel genoemd, of zondagskind. Ik was letterlijk een zondagskind en groeide op met de overtuiging dat dat blijkbaar echt geluk brengt. Dat bewijst maar eens dat een overtuiging inderdaad voor je kan werken.

Op mijn 16e werd ik me daar heel bewust van. Het was een zonnige lentedag en ik fietste via een slingerend fietspad naar school in Alkmaar. Ik vond het een prachtige dag en had zin in mijn schooldag. Drie keer zwaaide en groette een tegemoetkomende fietser mij gedag. Ik groette terug en realiseerde me dat ik deze mensen niet kende.

Op dat moment werd ik mij ervan bewust dat je terugkrijgt wat je uitstraalt en ik ging ermee experimenteren. Hoewel de verdere route een bredere weg was, bleef ik tegemoetkomende fietsers vrolijk aankijken en mijn theorie bleek te werken. Met die wetenschap had ik nu op mijn bijna 55ste schathemelrijk kunnen zijn!

Het heeft mij evengoed heel veel gebracht, want ik bleef experimenteren. In de klas merkte ik dat ik invloed had op het krijgen van een beurt. Wanneer ik iets niet wist, terwijl de docent een vraag stelde, bleef ik hem of haar aankijken en wist dat ik geen beurt zou krijgen. Andersom werkte het ook: wanneer ik het antwoord wist, keek ik de docent aan in de wetenschap dat ik gekozen zou worden. Het nadeel was wel dat ik door medeleerlingen gezien werd als de slimste van de klas (terwijl dat absoluut niet het geval was).

Al jong was ik me dus bewust van alle voorspoed en geluk die op mijn pad kwamen, vanuit mijn overtuiging: je bent een zondagskind, een geluksvogel. Zo was ik goed in verschillende sporten, voelde me gezond, slaagde voor alles in één keer, was gelukkig met familie, vrienden en in de liefde, koos de juiste studie en kreeg het werk én het droomhuis dat ik graag wilde. Dat klinkt te mooi om waar te zijn. Met de kennis van nu is het een vanzelfsprekendheid dat mijn leven zo blij en soepel liep. Er was echter een keerzijde.

Toen ik nog zo jong was, voelde dat succesvolle en blije leven helemaal niet zo als vanzelfsprekend. Ik zat vaak te wachten op een moment dat het mis zou gaan. Op een geslaagd moment zelf kon ik enorm genieten, alleen kort daarna speelde toch de gedachte op ‘wanneer houdt het op?’

Toen ik zwanger was en als logopedist in het zmlk-onderwijs (nu cluster 3) werkte, dacht ik vaak dat ik een kindje met het syndroom van Down zou krijgen, want dit was toch wel de ideale gelegenheid om de geluksvogel op de proef te stellen. Tegelijkertijd dacht ik: een kindje met het syndroom van Down kan ook maar het beste bij ons terecht komen, want wij weten wat we kunnen verwachten en hoe we dit kindje zo fijn mogelijk kunnen begeleiden.’

Genoeg reden voor een manifestatie die bij deze gedachten aansloot, zou je denken. En toch gebeurde er iets anders. We kregen geen kindje met het syndroom van Down. Wel werd ik op de proef gesteld met de bevallingen, want hoewel ik beide keren meteen zwanger was, kwamen ze er beiden niet zo gemakkelijk uit. Tijdens de keizersnede van de jongste vroeg de gynaecologe ook heel verbaasd hoe ik bij de eerste in vredesnaam een thuisbevalling had gehad.

Met de bouw van mijn bekken was een natuurlijke bevalling op geen enkele manier mogelijk. Nou… ik kan je vertellen: dat verklaarde een hoop van hoe dat destijds thuis gegaan is. De keizersnede met complicatie resulteerde overigens niet alleen in een prachtige baby maar ook in een acute overgang. Daaruit volgde osteoporose, vaatproblemen en nog een rijtje nadelen.

Nu zijn we 21 jaar verder. Bij die lichamelijk gevolgen sta ik niet altijd stil. Dat is een ondoenlijke zaak, want inmiddels is het een aardige waslijst. Soms moet een ander mij ergens letterlijk op wijzen, door te vragen: ‘Hoe is het nu met je dit of dat?’ Op zo’n moment denk ik dan: O ja, dat heb ik ook nog.

In plaats van erbij stil te staan, ben ik juist het tegenovergestelde gaan doen. Ik ben in beweging gekomen. Heb een dagelijks ochtendritueel van een uur en daarnaast wandel ik dagelijks een uur. De overtuiging dat dit voor mij werkt, helpt. Ik durf te zeggen dat ik me sterker, gezonder en leniger voel dan veel andere mid-50-ers.

De overtuiging een geluksvogel te zijn, pakte niet altijd positief uit.
De gedachten ‘wanneer houdt het geluk op en gaat het mis’ heb ik niet meer. Wel blijft het een kwestie van volhouden om in positieve overtuigingen te denken. Bijvoorbeeld wanneer iemand in mijn omgeving iets ernstigs heeft. Dan kan ik denken: waarom ik niet?

Zo zat ik de laatste weken niet lekker in mijn vel. Mijn ochtendritueel voerde ik hooguit voor een kwart uit, want ik kon heel moeilijk wakker worden. Gewoonlijk sta ik zomers en ’s winters om 7 uur fris en fruitig naast mijn bed. Wandelen deed ik in deze periode slechts incidenteel. Wel werkte ik veel in huis en tuin als work-out en fietste ik vaker.

En ik las lekker veel boeken. Ik stond het mezelf toe onder het mom van mijn core desired feeling “Flierefluiten” (The Desire Map van Danielle LaPorte). Maar ik dacht ook: dat kan toch niet altijd zo blijven? Dat wilde ik ook helemaal niet!

De hele dag door voelde ik me regelmatig overvallen door een enorme vermoeidheid en ik kon maar niet de vinger leggen op de oorzaak. Ook zaten allerlei zaken tegen en dat zoog alle energie uit me. Ik ging aan alles twijfelen, en tot slot begon ik me ook plotseling af te vragen of ik niet depressief was geworden. Hoe meer ik daarover nadacht, des te meer was ik ervan overtuigd.

Tot vanmorgen vroeg. Zodra ik wakker werd, sprak ik mijzelf toe. ‘Hup eruit en aan de slag! In de goede modus komen en doorzetten.’ En dat voelde al zo anders! Ik had weer even een enorm besef van hoe ik zelf mijn leven in de hand heb. Niks depressief maar gewoon een luie donder, die moeite heeft haar routine terug te vinden na ruim drie weken vakantie.

En hoppa: in één keer drukte ik op de reset-knop en gelijk was daar een totaal andere power. Wat een blije dag!

En Josje, toen zag ik jouw video met je oproep en ik hoorde mezelf hardop zeggen: ‘JA, PRECIES!’
En ik luisterde naar de link van Esther &Abraham Hicks die je erbij deelde, en naar nóg één… en nu voel ik me weer helemaal gesterkt en gemotiveerd. Zo lekker. Dank je wel voor die support, die ik als teken beschouw.

De moraal van dit verhaal is wat mij betreft: Je bepaalt zelf of je een zondagskind bent.

 

Wil je net als Monique lid zijn van mijn community en daarmee gratis toegang krijgen tot mijn online aanbod aan cursussen, e-books, interviews, blogs, powertalks, audio’s en nog veel meer? Klik dan HIER om alles te lezen over de voorwaarden.

Ik help je graag van Jammer naar Yes!

Terug